Jelle bekijkt

De wereld, door de ogen van Jelle

Yad Vashem maart 30, 2007

Ingedeeld onder: Palestina, Reizen — jellevanstappen @ 11:00 pm

Yad Vashem is het officiële monument van Israël voor het herdenken van de joodse slachtoffers van de holocaust. Het monument bevat onder andere een historisch museum, waarin de holocaust en de context ervan zeer uitgebreid en nauwkeurig uit de doeken worden gedaan.

Het museum is pakkend. Ook in Amsterdam en in Berlijn bezocht ik reeds enkele musea over de holocaust, en over het algemeen is dit museum beter dan al de andere die ik hiervoor bezocht.
Architecturaal en conceptueel zit het zeer sterk in elkaar, en de informatie is precies, gedetailleerd en gestaafd.

Twee dingen vielen mij echter sterk op.

Uiteraard gaat het holocaustmuseum over de vervolging van de Joden onder het nazibewind in Duitsland en tijdens WO II. Toch is het zeer opvallend dat het museum nagenoeg UITSLUITEND over de Joden spreekt. Een keer worden er in een statistiek ook 500 zigeuners vermeld, een keer wordt er in een uitspraak ook over de communisten gesproken. Meer aandacht wordt er niet besteed aan de andere slachtoffers van de vernietigingsindustrie die werd opgezet door de nazi’s. Homo’s, gehandicapten, politieke gevangenen,… Voor hen is er blijkbaar geen plaats in dit monument en in dit museum.

Nog meer moeite had ik met de allerlaatste zaal van het museum.
De oorlog is gedaan, de schade wordt opgemeten, en… toen was er Israel.
Eerst hangt er nog een kaart waarop wordt getoond hoeveel procent van de Joodse bevolking er in elk Europees land de holocaust niet heeft overleefd. Daarnaast hangen twee reuzegrote foto’s van illegale immigranten in het Britse madaatgebied Palestina. En als allerlaatste van het hele museum hangen daarnaast dan nog wat foto’s van het eenzijdig uitroepen van de staat Israel, zonder enige toegevoegde uitleg. En dat was het dan.

Naar mijn mening ontbreekt hier toch wel enige uitleg en nuance. Israel gebruikt vaak de holocaust als rechtvaardiging voor het bestaan van de Joodse staat. Dit is niet geheel correct.

Uiteraard is de holocaust fout geweest. Uiteraard is de Joden enorm veel onrecht aangedaan, zowel tijdens als voor de tweede wereldoorlog. Ik kan begrijpen dat zij hiervoor op de een of andere manier voor moeten worden vergoed. Ik vind absoluut dat dergelijke musea moeten bestaan, opdat zulke verschrikkelijke dingen niet zouden worden vergeten. Dat zoiets ook nooit meer zou mogen gebeuren.
Maar er kunnen bedenkingen geplaatst worden, als men een fout, gemaakt door een Europees land, probeert goed te maken op de kap van het Midden Oosten, en vooral dan op de kap van de Arabieren die in Palestina woonden.
De manier waarop deze link ook hier te snel wordt gemaakt, en wordt voorgesteld als een evidentie, is niet gepast voor een museum dat nochtans uitblinkt in gedetailleerde informatie en correcte documentatie.

 

Jerusalem – de oude stad maart 30, 2007

Ingedeeld onder: Palestina, Reizen — jellevanstappen @ 10:00 pm

De eerste twee dagen was het officiële programma nog niet bezig, en heb ik vooral de typische toeristische plaatsen bezocht, meestal op mijn eentje.

Van zodra ik het hostel uitstap, kom ik meteen terecht in een drukte van jewelste. ’s nachts was het hier nog spookachtig leeg, ’s morgens blijkt dat er achter al die gesloten deuren en poortjes verkoopstalletjes verstopt zaten, waar overdag enthousiaste verkopers hun waren proberen te verpatsen aan de toeristen en locals, die in horden door de steegjes voorbij komen. De oude stad is een onvoorstelbare doolhof van kleine straatjes en steegjes, waar het krioelt van de mensen van zeer verschillende komaf. Joden, Christenen en Moslims. Afrikanen, Latino’s en Oostblokkers. Toeristen van over de hele wereld met heel gevarieerde motieven om naar hier te komen. De ene om religieuze redenen, de ander voor het historische aspect, een enkeling voor het nachtleven.

En elk steegje is weer anders. Voor je het weet, wandel je van de Joodse naar de Arabische wijk, en als je dan de hoek omdraait zit je alweer in de Armeense wijk. Nog twee bochten, en je weet het helemaal niet meer. Eindeloos kan je blijven ronddolen, en zelfs als je op plaatsen passeert waar je reeds enkele keren voorbij kwam, springen er steeds weer nieuwe, interessante dingen in het oog.
Af en toe beginnen de klokken van alle kerken te luiden, of is het gebedstijd voor de Moslims, en weerklinken de azan en de shahadah door de hele stad. Aan de klaagmuur is dan weer een Bar Mitswa aan de gang. Dit zorgt stuk voor stuk voor een heel aparte sfeer.

Het weer is aangenaam, de sfeer is relaxed. Je zou bijna vergeten dat je in conflictgebied zit. Af en toe merk je al eens iets merkwaardig op, maar als je deze dingen niet zou (willen) zien, kan je hier perfect een gewone, toeristische vakantie doorbrengen.
Ik neem mezelf voor om (nog) niet te veel stil te staan bij die paar merkwaardige dingen, maar het is sterker dan mezelf. Ik blijf een half uur lang staan kijken als een Arabische bus wordt tegengehouden door de Israelische politie, en alle inzittenden hun paspoorten worden gecontroleerd. Ik merk op hoe een Arabische jongeman wordt ondervraagd door twee soldaten. Uit zijn reacties blijkt duidelijk dat de jongeman zich geintimideerd voelt, maar hij probeert rustig en vriendelijk te blijven.
En Jeruzalem heeft meer daklozen dan ik gedacht had. Een ervan roept de hele straat bijeen in het Hebreeuws. Niemand gaat er op in, maar er worden veel blikken uitgewisseld tussen de passanten, en af en toe sist er eens iemand iets tussen zijn tanden.

De stad is zo druk en hectisch, dat ik het moeilijk is om ergens wat tijd voor jezelf te nemen. Ik neem me voor om wat te gaan rusten in de dorm van het hostel, maar twee Amerikanen zitten daar met elkaar van gedachten te wisselen over de Bijbel. Ik hoor hen ook zeggen dat ze niet begrijpen dat er mensen zijn die heel hun leven in zonde leven, en nooit worden geroepen door God. Ik respecteer iedereen, en sta open voor veel meningen, maar als ik even een dutje wil doen, heb ik toch liever een ander gesprek op de achtergrond.

Vrijdagavond komen we dan een eerste keer samen met de hele groep. Enkel Elke ontbreekt nog, zij vervoegt ons pas zaterdagmorgen. We gaan samen iets eten en zetten daarna nog een stapje in de wereld. Het lijkt meteen goed te klikken tussen iedereen, en er wordt tussen de zwaar beladen gesprekken door, ook veel gelachen.
Maar nog veel belangrijker: iedereen heeft er zin in! Morgen is het eindelijk zo ver!

Tot schrijfs,
Jelle

 

Intrede in Jerusalem maart 29, 2007

Ingedeeld onder: Palestina, Reizen — jellevanstappen @ 6:00 am

De eerste horde is met succes genomen. Ik ben binnen geraakt!
Op voorhand had men mij duidelijk gemaakt dat de Israelische douane niet om mee te lachen was. Ik mocht met rede vrezen dat ik meteen terug zou gestuurd worden met de eerste de beste vlucht, zonder ook maar een voet te hebben gezet in het beloofde land.
Opdat alles niet voor niks zou zijn, nam ik geen enkel risico. Naar de kapper voor een ‘deftig’ kapsel, voor de eerste keer in maanden mijn baard afgedaan, en volledig uitgedost als een ‘echte’ toerist bood ik mij aan in de luchthaven.

Bij het boarden in Istanbul was het inderdaad meteen prijs. Een extra Israelische controle voor de boardinggate maakte het me al knap lastig. De jongeman die mijn paspoort controleerde begreep maar niet wat ik in zijn land ging zoeken als ik er toch geen familie of vrienden had, en zelfs geen jood was. Pas als ik hem mijn reservatieformulier laat zien van een hotel in Jeruzalem, laat hij me toch verder.
Achteraf bleek dit het meest kritieke moment. In Tel Aviv wordt helemaal niet meer zo moeilijk gedaan tegen mij (tegen sommige andere toeristen wel), en vlotjes wandel ik het land binnen.

Een taxi brengt me tegen een stevig tempo naar de heilige stad. De autostrade slingert zich in stevige bochten door het landschap, en de taxichauffeur slingert lustig mee van links naar rechts en weer terug. Het hotel waar ik de eerste twee nachten heb geboekt, kent hij niet, maar samen, en met behulp van enkele andere taxichauffeurs, vinden we het toch redelijk vlot.
Het is al half twee ’s nachts, en de straten zijn spookachtig leeg en verlaten, als ik aanbel. Ik installeer me vlug maar stil in een kamer met zeven stapelbedden, waar al heel wat mensen liggen te slapen. Op de vloer en onder de bedden ligt het vol met bagage, maar ook met rommel van het hotel zelf, zoals reservelakens, dweilen, schapenvellen, en allerlei zaken die ik niet kan herkennen omdat het te donker is. De bedden zijn wel heel basic, maar ik ben zo moe dat ik zelfs zou kunnen slapen op een houten plank. Ik troost mezelf met de hoop dat het hotel waar we vanaf vrijdag met de hele groep verblijven wel meer luxe zal bezitten, en val snel in slaap.

Tot morgen!
Jelle

 

De avonturen van een drukbezette linkiewinkie op het thuisfront maart 15, 2007

Ingedeeld onder: Linkiewinkie — jellevanstappen @ 10:00 am

 Linkiewinkie. Wereldverbeteraar in hart en nieren. Vechten tegen windmolens en tegen beter weten in. Strijden voor vrede en vrijheid. En voor het milieu en mensenrechten en tegen discriminatie. En voor en tegen zoveel dat ik er dit hele togenbladje mee zou kunnen volschrijven.

Naïef. Een druppel op een hete plaat.

Ik heb al veel veldslagen gewonnen, maar nog meer oorlogen verloren. En dan vragen mensen me al eens: “Hoe hou je dat toch vol?”

Ik weet het zelf niet. Het leeft in mij. Het vloeit en borrelt en bruist, en het moet! Ook als het niet kan. Het kruipt waar het niet gaan kan. 

En toch…

 Terwijl ik mijn strijd voer, mijn troepen stuur, mijn strategieën plan en mijn achterban bevoorraad, is Zij er altijd om mij te steunen. Zij, met een grote Z.

Als ik Haar bezig zie, denk ík vaak “Hoe hou je dat toch vol?” Maar ik durf het niet vragen. Uit schrik voor het antwoord. Terwijl mijn bijna heroïsche daden in de wereld niet eens voelbaar zijn, verzet Zij elke dag hemel en aarde. Voor mij. Thuis heb ik nooit tijd. Ik zit uren achter mijn computer, persteksten te schrijven, achtergronddossiers te lezen, mails te sturen, etc… Als Ze vraagt om eens te helpen bij het koken, belt net de één of andere minister. Als de was moet opgehangen worden, moet ik dringend nog een brief schrijven aan het college van burgemeester en schepenen. Als de hond moet gaan wandelen, moet ik nog eerst een verslag afwerken. En het regent trouwens net…

Flauw excuus. Zij neemt de paraplu en de hond dan maar mee naar buiten. 

Dat is als ik al thuis ben. Want ik moet toegegeven, dat is niet zo vaak. Tussendoor ben ik al eens fulltime gaan werken, maar meestal ben ik wel aanwezig op de één of andere betoging of actie. Tegen de oorlog, tegen het generatiepact, tegen de honger, voor eerlijke handel, voor duurzame landbouw, voor één of ander bos. En is het dat niet, ben ik wel een kerk of een school gaan bezetten. Want Roma’s verdienen ook onderwijs, meneer, en zwarten verdienen ook respect, mevrouw. 

En niet te vergeten, uiteraard is België te klein voor mij. Geregeld zit ik eens een paar maanden in een derdewereldland, waarvan ik vind dat het mijn steun wel kan gebruiken. In Nicaragua water zuiveren en tussendoor de verkiezingen eens winnen, in Indonesië een studentenopstandje meepikken, in Cambodja wat mijnen opruimen en in Thailand zetten we efkes mee de premier af.

En telkens blijft Zij alleen achter. Mag Ze op mijn huis en mijn ouders passen. De planten en de hond krijgt Ze er gratis bij. “Oh, en schatje, jij beantwoordt intussen wel mijn mails en mijn telefoons, hé?” 

Als u dit leest, ben ik alweer weg. Op missie in de Palestijnse gebieden. Om te observeren hoe het leven daar is, en om met de mensen te praten over hun leven, hun noden en hun dromen. En terwijl ik ginder aan het doen ben wat ik graag doe, zit Zij thuis, alleen. Bang af te wachten of ik wel levend terug kom. Achtergebleven in de puinhoop die ik heb gemaakt bij mijn vertrek, want te druk bezig met voorbereiden en plannen. Dus moest u Haar tegen komen terwijl ik weg ben, troost Haar dan. Geef Haar de aandacht waar Ze om vraagt. Geef Haar de knuffel die ik niet kan geven, maar die Ze nodig heeft. Geef Haar een pintje als Ze dorst heeft. Luister naar Haar.

Ze verdient het.

Neem het van mij aan, ik kan het weten.